Zintuiglijke problemen

 

 Hebben alle mensen met autisme ook zintuiglijke problemen?

In de DSM-5, het handboek met de criteria en kenmerken voor psychische aandoeningen, is sinds 2013 de andere zintuiglijke verwerking als een veelal aanwezig kenmerk mee opgenomen. Veelal aanwezig, dat wil zeggen dat het niet bij alle mensen met autisme voorkomt. Volgens onderzoek gaat het om zo’n 60 tot 90%. De aard van de zintuiglijke problemen kan erg uiteenlopend zijn. Zo zijn sommige mensen met autisme overgevoelig (hyperreactief) voor bepaalde prikkels, maar anderen dan weer net ondergevoelig (hyporeactief). Dit kan trouwens per zintuig verschillen. Zo kan iemand overgevoelig zijn voor licht en tegelijkertijd ondergevoelig voor geluid. De andere zintuiglijke verwerking wordt meestal via het gedrag vastgesteld. Heeft iemand zichtbaar last van bepaalde prikkels? Schermt iemand zich af? Leiden bepaalde prikkels  tot heftige reacties? Zoekt iemand bepaalde sterke prikkels net op of is hij niet alert genoeg voor bepaalde prikkels? Je kan dit vaststellen door goede observatie, er bestaan ook gestandaardiseerde vragenlijsten die dit gedetailleerd in kaart brengen. Een behandeling van deze zintuiglijke problemen in de zin van  ze genezen of aanzienlijk verminderen is niet echt mogelijk. Strategieën om er mee om te gaan komen meestal neer op aanpassingen van de omgeving, het voorzien van hulpmiddelen of specifieke activiteiten.